Veel gestelde vragen

Contact

Jurisprudentie

Links

Brochure en klachtenformulier (PDF, ca. 2 MB)

Klachtformulier (WORD-document)

 

Veterinair Tuchtcollege

Informatie over het veterinair tuchtrecht

 


Regeling bij wet

Het veterinair tuchtrecht is geregeld in de Wet op de uitoefening van de diergeneeskunde 1990 (WUD). Deze wet heeft betrekking op dierenartsen en op de zogenaamde paraveterinaire beroepsgroepen, te weten dierenartsassistenten, dierfysiotherapeuten, dierverloskundigen/castreurs en embryotransplanteurs.

In artikel 14, onder a, van de WUD is een algemene zorgplicht voor dierenartsen neergelegd. Artikel 15, onderdeel a, bevat een zelfde bepaling voor de andere veterinaire beroepsgroepen. Klachten over tekortschietende diergeneeskundige zorg kunnen worden beoordeeld door het Veterinair Tuchtcollege (VTC).


Doel

Het veterinair tuchtrecht heeft ten doel een goede beroepsuitoefening van de veterinaire beroepsgroepen te bevorderen. Alle bij het VTC ingediende klachten worden vanuit dit perspectief beoordeeld.

Het VTC behandelt:

-         Klachten van particulieren over de diergeneeskundige behandeling van hun eigen (huis)dieren of over dieren die zij permanent onder hun hoede hebben, de zogenaamde houders van dieren

-         Klachten, die worden ingediend door een op grond van de WUD benoemde ambtenaar, de zogenaamde klachtambtenaar. Het gaat dan om zaken van algemeen belang, zoals - bijvoorbeeld - overtredingen van de Diergeneesmiddelenwet.


Zitting

Het VTC houdt zitting in een samenstelling bestaande uit vijf leden, te weten de voorzitter, die jurist is, en, indien de klacht is gericht tegen een dierenarts, uit vier leden -dierenartsen.
Als een klacht tegen een lid van een van de andere veterinaire beroepsgroepen wordt behandeld, nemen twee leden van de betreffende beroepsgroep de plaats in van twee van de leden - dierenartsen.


Klachtprocedure

Voor wat betreft de klachten ingediend door particulieren wordt in de eerste plaats verwezen naar de brochure.
Op deze plaats volgt alvast een korte beschrijving van de klachtenprocedure.
De procedure begint met het inzenden van een klaagschrift per post.
Klachten die worden ingediend door anderen dan de eigenaar of de houder van een dier worden op grond van de WUD door het VTC niet - ontvankelijk verklaard, dus in feite niet in behandeling genomen.
Als sprake is van een klacht van zeer ernstige, het particulier belang te boven gaande aard, kan de klachtambtenaar beslissen de klacht over te nemen. Dit komt echter zelden voor.
Het is ook mogelijk dat de inhoud van de klacht van dien aard is, dat zonder nader onderzoek kan worden vastgesteld, dat deze niet zal leiden tot het opleggen van een tuchtmaatregel. In dat geval zal het VTC de klacht ingevolge de WUD als kennelijk ongegrond afwijzen.

In veel gevallen bevat het klaagschrift onvoldoende informatie. Zo kan, bijvoorbeeld, niet duidelijk zijn omschreven tegen welke dierenarts/paraveterinair de klacht gericht is, of om welk diergeneeskundig handelen het gaat. Er is dan meer informatie nodig.
Het secretariaat van het VTC laat schriftelijk weten welke nadere informatie/gegevens nodig is/zijn om de klacht in behandeling te kunnen nemen.
Als niet alle gevraagde gegevens binnen de gestelde termijn worden verstrekt zal de klacht als onvolledig buiten behandeling worden gesteld.

Als de klacht gecompleteerd is, worden het klaagschrift en de bijbehorende stukken naar de beklaagde gestuurd, die in een verweerschrift zijn commentaar op de klacht kan geven. De klager krijgt nog de gelegenheid hierop te reageren, middels een repliek waarna  de beklaagde nog een reactie kan geven middels een dupliek. Hiermee is het schriftelijke deel van de procedure voltooid.
Vervolgens wordt dan in de meeste gevallen een mondelinge behandeling geagendeerd. De periode tussen afsluiting van de schriftelijke fase en de behandeling op zitting bedraagt thans zes tot acht maanden. Op basis van de schriftelijke stukken en van het verhandelde ter zitting komen de leden van het VTC tot het oordeel of de klacht gegrond, dan wel ongegrond dient te worden verklaard. Als de klacht gegrond wordt verklaard, zal een maatregel worden opgelegd.

Maatregelen

De WUD voorziet in de volgende maatregelen: waarschuwing, berisping, geldboete ter hoogte van maximaal € 7.800 (onder zeer bijzondere omstandigheden kan een nog hogere boete worden opgelegd tot € 19.500), schorsing of ontzetting uit de bevoegdheid de diergeneeskunde uit te oefenen. Bij gegronde klachten van particulieren wordt in verreweg de meeste gevallen een waarschuwing of een berisping opgelegd.
De schriftelijke uitspraak wordt doorgaans ongeveer een maand na de zitting aan partijen toegezonden. Het college behoudt zich het recht voor om op een later tijdstip uitspraak te doen, als de omstandigheden daartoe aanleiding geven.

Instelling beroep

Tegen een uitspraak van het VTC kan beroep worden ingesteld bij het Veterinair Beroepscollege. De informatie over de daarvoor te bewandelen weg, wordt standaard met de uitspraak meegezonden


Klachtformulier

Wanneer u besluit een klachtprocedure te starten, dient u met het klaagschrift een volledig ingevuld klachtformulier mee te zenden. Dit is de laatste bladzijde van de brochure. U kunt deze downloaden, maar desgewenst kan de brochure u ook per post worden toegezonden. Ook is apart een klachtformulier als een WORD-invuldocument te downloaden via deze website. In de rubriek 'contact' vindt u het adres waar u de klacht en het klachtformulier naar toe dient te sturen.

De behandeling van een klacht is een tamelijk langdurige procedure, waarbij ook de nodige eisen worden gesteld aan de klager. Om te voorkomen dat u een klacht indient met een voor u teleurstellend resultaat, wordt geadviseerd de rubriek 'veel gestelde vragen' en de brochure nauwkeurig te lezen.

 

De uitspraken van het VTC vindt u in de rubriek 'Jurisprudentie'.